Uitbreiding van de flexi-jobs naar (bijna) alle sectoren sinds 1 juli 2026
De wetgever heeft het systeem van de flexi-jobs uitgebreid naar de volledige private en publieke sector. Er is wel een “opt-out” mechanisme voorzien om de toepassing van flexi-jobs geheel of gedeeltelijk uit te sluiten voor bijvoorbeeld bepaalde sectoren of activiteiten. De hervorming maakt ook het flexiloon aantrekkelijker en versoepelt de voorwaarden om van het systeem gebruik te kunnen maken.
Een flexi-job is een tewerkstellingsvorm die werknemers en gepensioneerden de kans biedt om bij een andere werkgever onbelast bij te verdienen.
1. Uitbreiding van het systeem
Flexi-jobs waren initieel voorbehouden voor specifieke sectoren en doorheen de tijd werd deze mogelijkheid uitgebreid naar een veelheid aan sectoren met specifieke « opt-in » en » « opt-out » mogelijkheden.
Voortaan kunnen flexi-jobs in alle sectoren, inclusief de publieke sector, en is een « opt-out » en « opt in » mechanisme voorzien.
In de zorgsector kan een dergelijke uitsluiting bovendien betrekking hebben op een volledige bedrijfstak, een deel van een bedrijfstak of een proportioneel deel van het totale arbeidsvolume bij een werkgever binnen de bedrijfstak.
Ook voor gezondheidszorgberoepen is voortaan een flexi-job mogelijk, voor zover de flexi-jobber over de vereiste kwalificaties en diploma’s beschikt.
De uitsluiting van artistieke, artistiek-technische en artistieke ondersteunende functies blijft in het algemeen wel behouden.
In de publieke sector kunnen de functies die voorbehouden zijn aan statutair personeel niet worden uitgeoefend in het kader van een flexi-job.
2. Uitbreiding van de individuele toegang tot flexi-jobs
Een werknemer kan maar als flexi-jobber werken, indien hij een andere hoofdactiviteit bij een andere werkgever heeft. De hervormingen versoepelen een aantal van de daaraan gekoppelde voorwaarden:
Een werknemer kan maar een flexi-job uitoefenen:
- indien hij tijdens het 3de kwartaal voorafgaand aan het kwartaal waarin hij een flexi-job uitoefent, al een tewerkstelling had die minstens 4/5de van een voltijdse tewerkstelling bedroeg EN ;
- indien de werknemer tijdens dezelfde periode van het kwartaal waarin hij een flexi-job uitoefent:
1) niet voorafgaandelijk of bijkomend werkzaam is in het kader van een andere arbeidsovereenkomst of een statutaire benoeming bij de werkgever waarvoor hij een flexi-job uitoefent; Sinds 1 juli 2026 is deze voorwaarde is niet van toepassing op uitzendkrachten voor zover het uitzendkantoor hen niet aan dezelfde gebruiker ter beschikking stelt als uitzendkracht én als flexi-jobwerknemer.
2) zich niet in een periode bevindt die gedekt wordt door een verbrekingsvergoeding ten laste van de werkgever bij wie hij de flexi-job uitoefent;
3) zich niet in een lopende opzeggingstermijn bevindt ;
4) niet tewerkgesteld is met een arbeidsovereenkomst bij de gebruiker waar hij door een uitzendbureau ter beschikking wordt gesteld om de flexi-job uit te oefenen;
5) niet is tewerkgesteld bij een onderneming die verbonden is, zoals gedefinieerd in artikel 1.20 van het Wetboek van Vennootschappen en Verenigingen, aan de onderneming waarbij men een arbeidsovereenkomst heeft voor een tewerkstelling van minimaal 4/5de van een voltijdse job van een referentiepersoon van de sector. Deze laatste voorwaarde geldt voorgaal niet voor werknemers die voltijds tewerkgesteld zijn in het kader van een reguliere arbeidsovereenkomst.
Ook voor de gepensioneerden is er een versoepeling. De voorwaarde van de 4/5de tewerkstelling in het referentiekwartaal T-3, is niet langer van toepassing. Een gepensioneerde kan dus steeds onmiddellijk een flexi-job uitoefenen.
3. Aanpassing van het flexiloon
Het flexiloon (inclusief voordelen en premies) mocht sinds 1 januari 2024 in principe niet meer bedragen dan maximaal 150% van het basisminimumloon.
Door de hervorming tellen voortaan de premies en voordelen die worden toegekend op grond van wettelijke of reglementaire bepalingen of CAO’s, niet meer mee voor de berekening van dit maximum.
In de praktijk houdt dit dus in dat de flexi-jobber meer kan verdienen.
Voor de HORECA-sector (PC 302), geldt een ander mechanisme. Daar geldt een afwijkend maximumloon van 21 EUR/u (indexeerbaar).
4. Inwerkingtreding
De hervorming is van toepassing sinds 1 juli 2026.
Bij wijze van overgangsmaatregel en uitsluitend in 2026 kunnen de sectoren op kwartaalbasis een uitsluiting aanvragen. Tot 31 augustus 2026, kunnen via KB ook de bestaande toelatingen en uitsluitingen aangepast worden.
Bron: Wet van 28 juni 2026 houdende diverse bepalingen inzake flexi-jobs, B.S., 2 juli 2026.