Einde van de arbeidsovereenkomst
09 april 2026

Dringende reden: verzet tegen een beperkte aanpassing van arbeidsvoorwaarden kan insubordinatie vormen

Het Arbeidshof Brussel oordeelt dat een beperkte wijziging van de plaats van tewerkstelling, evenals de aanpassing van bepaalde aan de werknemer toevertrouwde taken, niet kan worden beschouwd als een belangrijke wijziging van essentiële bestanddelen van de arbeidsovereenkomst.

Feiten 

Een werkneemster wordt overgeplaatst naar een andere vestiging van de onderneming, na het vertrek van een collega. Ondanks herhaalde instructies van de werkgever om haar nieuwe werkplaats te vervoegen, waar zij meent een andere functie te moeten uitoefenen, blijft zij dit weigeren.  

De werkgever beschouwt deze weigering als een daad van insubordinatie en beslist over te gaan tot ontslag om dringende reden. 

Beslissing van het arbeidshof 

Met betrekking tot de wijziging van de plaats van tewerkstelling oordeelt het Arbeidshof Brussel als volgt: 

  • De arbeidsovereenkomst bevat geen enkele bepaling waaruit blijkt dat de plaats van tewerkstelling een essentieel bestanddeel is; 
  • Integendeel, er was voorzien dat werknemers op het volledige Brusselse grondgebied konden worden ingezet; 
  • De verplaatsing van de werkplaats over een afstand van 4,6 km vormt geen “belangrijke” wijziging; 
  • Het feit dat de werkneemster in een verder gelegen gemeente woont, is irrelevant, aangezien dit het gevolg is van haar persoonlijke keuze. 

Met betrekking tot de vermeende wijziging van de functie stelt het arbeidshof het volgende vast: 

  • De arbeidsovereenkomst vermeldt geen specifieke functie (er wordt enkel verwezen naar “bediende”); 
  • Inhoudelijk is er geen wezenlijk verschil in de toegewezen taken. Deze werden door de werkgever slechts in beperkte mate aangepast; 
  • Er is geen sprake van een degradatie, noch van een hiërarchisch lagere functie. 

Wat de vermeende wijziging van de verloning betreft, oordeelt het Hof: 

  • De werkgever heeft het behoud van de arbeidsvoorwaarden, met inbegrip van de verloning, gegarandeerd; 
  • De werkneemster had haar werkgever nooit eerder op de hoogte gebracht van haar vrees om commissies te verliezen; 
  • Hoe dan ook levert de werkneemster geen bewijs van het door haar gestelde verlies aan commissies als gevolg van haar herplaatsing. 

Het arbeidshof besluit dan ook dat de weigering om de instructies van de werkgever op te volgen een daad van insubordinatie uitmaakt. Het ontslag om dringende reden is gerechtvaardigd. 

Te onthouden? 

Een beperkte aanpassing van de plaats van tewerkstelling, evenals van bepaalde taken die tot de functie behoren, kan worden opgelegd voor zover zij geen belangrijke wijziging vormt van een essentieel bestanddeel van de arbeidsovereenkomst. Bij weigering door de werknemer kan dit worden gekwalificeerd als insubordinatie, wat aanleiding kan geven tot een sanctie. 

Bron: Arbh. Brussel, 18 maart 2026, A.R. nr. 2022/AB/179. 

We use cookies to track usage and preferences Legal terms I Understand